Amerikaanse hypotheken hebben vrijwel altijd een looptijd van 30 jaar, maar dat betekent niet dat de rente ook 30 jaar vaststaat - er zijn namelijk verschillende hypotheekvormen. De meest voorkomende zijn fixed-rate mortgages waarbij de rente wél 30 jaar vast staat, en adjustable-rate mortgages (ARMs) waarbij de rente na een initiële periode van bijvoorbeeld 3, 5, 7 of 10 jaar wordt aangepast aan de marktomstandigheden. Daarnaast is refinanciëren in Amerika heel gebruikelijk en eenvoudig: wanneer de marktrente daalt, kunnen huiseigenaren hun oude hypotheek met hoge rente gewoon aflossen door een nieuwe hypotheek af te sluiten tegen de lagere rente, zonder boeterentes zoals in Nederland. Dit systeem wordt mogelijk gemaakt doordat Amerikaanse hypotheken zijn gestandaardiseerd en vaak worden verkocht aan semi-overheidsinstanties zoals Fannie Mae en Freddie Mac, die ze bundelen tot hypotheekobligaties (mortgage-backed securities) en doorverkopen aan beleggers. Hierdoor is er een enorm liquide secundaire markt ontstaan waar hypotheken makkelijk verhandelbaar zijn, waardoor banken geen probleem hebben als mensen refinanciëren - ze verkopen de hypotheek toch door. Het nadeel van dit systeem is dat wanneer de rente stijgt, zoals sinds 2022, mensen juist vastklampen aan hun oude goedkope hypotheek en niet verhuizen omdat ze dan een veel duurdere nieuwe hypotheek moeten afsluiten, wat zorgt voor een "lock-in effect" dat de woningmarkt bevriest.