M2 geldhoeveelheid VS

Inflatie is altijd en overal een monetair fenomeen, zoals Milton Friedman bondig formuleerde. De kern is simpel: wanneer de geldhoeveelheid sneller groeit dan de reële economische productie, daalt de koopkracht van elke geldeenheid — prijzen stijgen. Of het nu gaat om de hyperinflatie in Weimar-Duitsland, Zimbabwe of recent Argentinië, de oorzaak is steeds dezelfde: centrale banken die de geldpers laten draaien zonder dat daar evenredige economische groei tegenover staat. Tijdelijke prijsschokken door olie-embargo's of verstoorde toeleveringsketens kunnen weliswaar inflatie-uitschieters veroorzaken, maar zonder accommoderend monetair beleid doven deze vanzelf uit. Pas wanneer centrale banken de geldhoeveelheid blijvend uitbreiden om zulke schokken op te vangen — of om overheidstekorten te financieren — vertaalt dit zich in structureel hogere prijsniveaus. De les voor beleggers is helder: houd de balansen van centrale banken en de groei van M2 scherp in de gaten, want daar ligt uiteindelijk de bron van elke inflatiegolf.