M2 is een brede maatstaf voor de geldhoeveelheid in een economie en omvat naast contant geld en direct opneembare banktegoeden (M1) ook spaarrekeningen, kleine tijddeposito’s (tot €100.000) en kortlopende beleggingen die snel in chartaal geld of giraal geld kunnen worden omgezet, zoals geldmarktfondsen. Het geeft daardoor een goed beeld van het geld dat daadwerkelijk beschikbaar is voor consumptie en investeringen, en wordt door centrale banken (zoals de ECB en de Fed) nauwlettend gevolgd als indicator voor inflatie- en groeiverwachtingen. Een sterke stijging van M2 wijst vaak op ruim monetair beleid en kan inflatiedruk veroorzaken, terwijl een krimp juist deflatoire risico’s met zich meebrengt.